Vrije dag November 30

Donderdag, 30 november

 

Ergens in het holst van de nacht word ik uit een diepe slaap gewekt door vreemde tikkelgeluiden tegen mijn slaapkamerraam. Zou het zo hard regenen? Of is het hagel? Ik draai me om. Ik heb geen zin om te gaan kijken. Maar zo gauw de wekker gaat spring ik uit bed en gooi de gordijnen open. Deze keer is alles wit, ook de grote weg, en ik krijg het vermoeden dat mijn kinderen vandaag hun zin krijgen.

De slaapkamerdeur gaat open en twee tieners staan met een glimlach in de deuropening. Heb je naar buiten gekeken? Ik schiet in mijn kleren en zet de computer aan. De website van de school is gauw gevonden. Ik word er ervaren in. Met grote koeienletters staat er: Vandaag geen school. De beslissing is genomen om 4.45 uur. Wat doen die mensen zo vroeg op? Een luid gejoel is mijn beloning.

Ik kruip met kleren en al nog even onder de dekens naast mijn man, maar wordt al gauw ongeduldig om eruit te gaan en de verse sneeuw onder mijn voeten te voelen knarsen. Ik verzorg het ontbijt voor de jongens en ga naar buiten. Het dikke pak sneeuw is bedekt met een dun laagje ijs en kraakt met iedere stap. Was het nou de sneeuw of regen die ik vannacht tegen mijn raam hoorde?

De jongens komen me al snel achterna in hun skibroeken en warme winterjassen. Ze willen gaan sleetje rijden van de heuvel. Ik kijk hun aan en schiet in de lach. Ze hebben allebei hoog water. Hadden we die dure broeken niet twee jaar geleden op de groei gekocht? Hoe kunnen ze dan nu al te klein zijn?

Ik herinner me alle waarschuwingen dat kinderen pas echt gaan groeien als ze in de puberteit komen en ik weet nu wat ze bedoelen. Ik probeer hun broeken wat naar beneden te trekken, maar het heeft geen zin.

     “Had ik dat nou maar gisteren geweten dat jullie nieuwe skibroeken moeten hebben,” verzucht ik. “Toen waren we toch in de stad voor nieuwe laarzen.”

De jongens pakken hun sleeën en ik kijk hun na. Nou maar hopen dat ze in de winkel nog wat goedkope skikleding hebben hangen. “Duur” moet maar even wachten tot ze zijn uitgegroeid.

Advertisements

Leave a Comment

Netflix November 29

Woensdag, 29 november

 

     “Ik ben de hele maand december weg,” zegt Bill, een goede vriend en tevens klant van ons.

     ‘Waar ga je naar toe?” vraag ik geïnteresseerd en ga bij hem aan de tafel zitten met een verse kop koffie. Er is toch niets te doen in de winkel. Het slechte weer houd de meeste mensen thuis en de mensen die onderweg zijn willen hun warme auto niet uit.

     “Ik ga naar Las Vegas om te gokken,” grinnikt hij. “Daarna ga ik een paar dagen bij vrienden op visite en uiteindelijk vlieg ik naar de oostkust om mijn vader te bezoeken in verband met de feestdagen.”

     Bill is gepensioneerd, hij is vrijgezel en zit aardig in de slappe was.

     ‘En dan ga ik in maart een aantal weken naar Arizona, in april en mei naar Polen, Tsjecho-Slowakije en Hongarije en aan het einde van de zomer naar Argentinië,” besluit hij zijn relaas.

     “Geweldige plannen,” zeg ik en in gedachten zie ik geld spuiende gokmachines, witte stranden en palmbomen, imponerende musea en prachtige hotelkamers met roomservice.

     “Ik denk dat ik “Netflix” maar op zeg,’ zegt Bill en brengt me terug naar de orde van de dag. “Ik ben zo veel weg de komende tijd.”

     “Wat is dat?” vraag ik nieuwsgierig.

     “Je kunt bij Netflix films bestellen. Online,” legt hij uit. “Je betaalt iedere maand een vast bedrag en dan sturen ze je een film naar keuze. Als je de film gekeken hebt kan je hem in dezelfde enveloppe ongefrankeerd weer retourneren.”

Na het avondeten kruip ik meteen achter de computer. We kijken allemaal graag naar een goede film, maar al die reclames tussendoor komen onze neus uit en ‘s avonds de deur uitgaan om een film te huren is ook niet alles. We zijn het helemaal met elkaar eens. Met de lange winter voor de deur is het een goed idee om een alternatief te vinden. De televisie blijft voor de verandering uit en geboeid zitten we met elkaar voor de computer films uit te zoeken. We hebben allemaal een aantal favorieten en langzaam maar zeker creëren we onze verlanglijst.

     “Waren we altijd maar zo eensgezind,” verzucht ik.

Leave a Comment

Sneeuw

Dinsdag, 28 november

 

Gisteravond begon het te sneeuwen. Grote witte vlokken. Al snel veranderde de vlokken in dikke regendruppels en zagen we alles wat wit was geworden weer in zwart veranderen.

Misschien zijn morgen de scholen dicht vanwege de sneeuw, zei mijn jongste zoon hoopvol. Ik keek met een glimlach naar de regen. Ja, misschien, antwoordde ik.

Vanochtend werden we wakker met een dun laagje sneeuw. De weg was zwart. Een goed teken. De locale televisie had geen informatie over het sluiten van de scholen en ook de website had niets te vertellen.

     “Inladen, we gaan,” zeg ik na het ontbijt. Maar nog geen kilometer van huis realiseer ik dat het foute boel is. Het zwarte wegdek verandert in een vieze bruine drab en het wordt al gauw steeds witter. Ineens glijden mijn banden de verkeerde kant. Ik trap zo snel mogelijk op de rem om mijn snelheid aan te passen en ruk en trek aan mijn stuur om op de juiste weghelft terug te komen. Het wordt gevaarlijk op de weg en bedenk dat er iets niet klopt. Onder zulke slechte omstandigheden kan de school niet open zijn. Twee minuten later rijden we een lege parkeerplaats op. Er staat een groot bord bij de deur. “De school opent twee uur later”. Met een slakkengangetje van 10 kilometer per uur rijden we weer van de heuvel af naar huis. De kinderen blij, en ik ook als we weer veilig thuis zijn. Anderhalf uur later begint het serieus te sneeuwen. Ik krijg het vermoeden dat de scholen waarschijnlijk de hele dag gesloten zullen blijven en deze keer pak ik de telefoon. Ik vertrouw de informatie op het internet en de televisie niet meer. “Natuurlijk is er school,’ wordt me laconiek verteld. Wantrouwend kijk ik naar buiten. Alles is wit. Een prachtig gezicht. Maar durf ik nog een keer de elementen te trotseren en de heuvel op te gaan? Ik denk het niet. Snel pak ik nog een keer de telefoon en bel mijn man op zijn werk. “Kom je de kinderen halen? Jij hebt een vierwiel aangedreven auto.”  Hij komt zo snel mogelijk en brengt de kinderen weg.

     “Ik was te laat vanmorgen. Papa moest zo langzaam rijden,” zegt mijn oudste zoon als ik hem ophaal na school. “Dit was de derde keer dit trimester. Nog één keer en ik moet tijdens de pauze in de klas blijven. Dat is toch niet eerlijk?”

Ik bijt op mijn lip en probeer mijn ergernis te onderdrukken. Ik geef hem groot gelijk. Het valt ook niet mee om het goed te doen.

Leave a Comment

Window Spaces Live ?????

Maandag, 27 november

 

 

Voor ik een normale letter op papier kan zetten moet ik eerst even stoom afblazen. Even afrekenen met mijn ongeduld over de moderne technologie waar je tegenwoordig niet om heen kunt. Puf, puf. Het gaat geloof ik iets beter. Puf, puf.

Natuurlijk heeft iedereen het altijd druk en je e-mail bekijken moet een fluitje van een cent zijn. Maar niet vandaag. Hotmail heeft besloten iets toe te voegen aan hun uitgebreide aanbod van internetsnufjes, namelijk: Windows Live Mail. Voordat ik begreep dat ik er echt niet omheen kon om nog meer informatie over mezelf prijs te geven aan cyberspace was ik ondertussen een kwartier verder. En nog een kwartier verder was ik in het rijke bezit van mijn eigen “Windows Live Space”, voorzien van een profiel, een blog, foto’s en een lijst van vrienden, die natuurlijk leeg is. Wat de reden van zo een space is, dat is me nog geheel onduidelijk, maar wie weet, kan ik straks niet meer zonder. Hetzelfde gebeurde met mijn mobiele telefoon. Waarom had ik nou een mobieltje nodig? Als je gaat winkelen zorg je ervoor dat je een boodschappenlijstje hebt en als je iets wilt vragen dan kan dat gewoon niet. En vreemd genoeg was het toen ook nooit nodig. Maar dat verandert snel. Ik bel nu net als vele anderen om elk wissewasje even op en laat iedereen dan vrolijk meeluisteren. Wil je pizza of spaghetti vanavond? Ik blijf iets langer weg, kan jij de kinderen ophalen?

Ondertussen is mijn ergernis volledig verdwenen. Ik krijg zelfs de smaak te pakken. En zeker als ik via een vreemde omweg ineens in mijn e-mails beland. Hoera. Ik ben weer online. En de basis voor mijn nieuwe space is gelegd. Ik ga gauw kijken of ik er inmiddels een “vriend” bij heb…

Leave a Comment

Introduction

 

Mijn man en ik wonen sinds de zomer van 1999 in de Columbia River Gorge, op de grens van Oregon en Washington in de U.S.A. We hebben hier een stuk grond gekocht met een grote schuur. Op de eerste etage van de schuur hebben we een appartement gebouwd met drie slaapkamers. De begane grond is gedeeltelijk werkplaats.

Ons volgende project was de bouw van onze winkel. We zijn open gegaan in juli 2001. Daarna zijn we begonnen met de aanleg van de camping en de drie motelkamers boven de winkel.

We hebben twee jongens. De oudste is 15 jaar en de jongste 12.  

 

 

Leave a Comment

« Newer Posts